Meerzorg » Page '3. De lege doos in zorgveld II.1'

3. De lege doos in zorgveld II.1

In zorgniveau II komt een kind terecht als blijkt dat

1.de gewone zorginspanningen niet lonen én

2.als daarbij reden is om dispensaties te geven om toch een gewoon diploma te kunnen halen.

 

Heeft het kind een leerstoornis, dan hoort het in II,2,

heeft het motorische, visuele of auditieve beperkingen, dan komt het terecht in II,3

en heeft het een gedragsstoornis, ADHD of autisme, dan schaalt men het in in II,4.

Die vastgestelde stoornissen bepalen immers of het kind recht heeft op dispenserende maatregelen.

 

 

Cluster 1

Cluster 2

Cluster 3

Cluster 4

Zorgniveau I

I,1 

 

I,2

 

I,3

 

I,4

Zorgniveau II

II,1

?

II,2

II,3

II,4

Zorgniveau III

 

III,1

III,3

III,4

Zorgniveau IV

 

 

IV,3

IV,4

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Maar… wat als de gewone zorginspanningen van de school niet voldoende zijn, maar het kind geen duidelijk vastgestelde stoornis heeft? Dan is er toch geen reden om hem te dispenseren van bepaalde leerstof, en toch een diploma te geven. Dus kan zo’n kind niet ingeschaald worden in II,1, en blijft dit zorgveld omzeggens leeg.

Sommige CLB-medewerkers zullen deze kinderen toch inschalen in II.1, omdat kansarme ouders het bvb moeilijker hebben om naar een diagnostisch centrum te gaan.

Maar dan wacht daar een koude douche, want voor dit zorgveld voorziet de overheid helemaal geen bijkomende begeleiding. Wat is dan nog het verschil met zorgniveau I?

 

Om dit zorgveld dus volwaardig te laten meetellen, dient men én de inschalingscriteria én het begeleidingsbudget duchtig aan te passen.

 

Posted in Uncategorized